Borstreconstructie

De borst is voor een vrouw een heel essentieel lichaamsonderdeel in het zich vrouw voelen. Een aantal kwaadaardige, maar ook goedaardige aandoeningen kunnen aanleiding geven tot een noodzaak tot heelkunde aan de borst.

De borst kan dan partieel of gedeeltelijk verwijderd worden, waardoor de vrouw niet alleen met een gemutileerde borst eindigt, maar ook hinder ondervindt van de asymmetrie tussen de borsten. Eventuele radiotherapie doet de weefsels dan vaak nog wat krimpen zodat een vaak onesthetisch resultaat wordt bekomen. Het zelfbeeld, het vertrouwen en de ganse lichaamsbeleving is vaak verstoord.

Afhankelijk van de grootte van het defect en de verlangens van de patiente naar reconstructie, zijn er een aantal reconstructiemogelijkheden. Met name

  • we kunnen de borst gaan “hermodelleren” met het nog aanwezige borstklierweefsel
  • we kunnen de borst reconstrueren met behulp van een silicone-prothese
  • we kunnen de borst reconstrueren met behulp van eigen weefsel op afstand (vanuit de buik, rug,...)

Alle mogelijkheden (met voor- en nadelen) worden, afhankelijk van uw situatie, uitgebreid besproken.

Een borstreconstructie kan onmiddelijk (primair), laattijdig (secundair), of gecombineerd (tertiair) worden uitgevoerd.

Een onmiddellijke reconstructie wordt uitgevoerd in dezelfde operatietijd als de borstamputatie. Dit heeft als voordeel dat u niet geconfronteerd wordt met de gemutileerde, of zelfs volledig afwezige borst. Het volume van de borst wordt dus in dezelfde tijd hersteld. Echter, steeds moet multidisciplinair (met gynaecoloog, oncoloog en evtueel radiotherapeut) besproken worden of dit mogelijk is. Ook kan het zijn dat u er niet klaar voor bent of nog teveel enkel met het “slechte nieuws” bezig bent, waardoor uw enige interesse ligt in het verwijderen van de slechte weefsels. Ook dit belangrijke gegeven bepaalt onze strategie.

Een laattijdige (secundaire) reconstructie vindt plaats enige tijd nadat de borst is weggenomen. Soms uit vrije wil, soms omdat we eerst de aanvullende behandelingen (chemo- en/of radiotherapie) willen laten plaatsvinden . Als u deze behandelingen heeft gehad, dient ook nog eens 6 maand genomen te worden om de borst “tot rust” te laten komen alvorens we aan de reconstructie beginnen. Hormonale behandeling vormt geen obstakel om een borstreconstructie te laten plaatsvinden.

Bij een gecombineerde (tertiaire) reconstructie wordt bij het wegnemen van de borst de huidenveloppe behouden; als het ware wordt een “lege zak” bekomen na de borstamputatie, dewelke dan gevuld wordt met een weefselexpander (prothese die in min of meerdere mate met water kan gevuld worden); deze verhindert de huid om ineen te vallen en te krimpen. Ná de aanvullende behandelingen, kan de expander dan vervangen worden door hetzij eigen weefsel, hetzij een definitieve silicone-prothese.

Zeker in die gevallen waar radiotherapie geindiceerd is, gaat onze voorkeur vaak uit naar een borstreconstructie met eigen weefsel, omdat die een natuurlijk, levenslang resultaat geeft.

 

Borstreconstructie met eigen weefsel:

Het reconstrueren van de borst met eigen weefsel geeft vaak het meest natuurlijke resultaat; er wordt een soepele borst gecreëerd die mee evolueert met uw lichaam; echter, hoe natuurlijk ook, het zal nooit hetzelfde gevoel zijn als voorheen. Het is wél het beste wat we u kunnen bieden.

Weefsel wordt van de ene plaats op het lichaam (stuk buik bij een DIEAP-flap; stuk rug bij een latissimus dorsi flap) getransplanteerd naar de borstregio. In het geval van de rug, blijft het weefsel verbonden aan het lichaam; in het geval van de buik wordt het weefsel, met daarbij de voedende bloedvaten, volledig losgemaakt van het lichaam en verplaatst naar de borstregio toe.

DIEAP-flap:

Het gebruik van de DIEAP-flap (weefsel vanuit de buik) is op heden de meest geavanceerde techniek om de borst te reconstrueren.

Een flap (huid + onderhuids vetweefsel + voedende bloedvaten) wordt thv de onderbuik vrijgemaakt; voornamelijk de zone tussen de navel en het schaambeen wordt gebruikt. Belangrijk bij deze techniek is het feit dat we de buikspieren volledig intact laten. Vroeger werd een stuk spier meegenomen (we spreken dan van een TRAM flap, waarvoor de M voor “muscle” (spier) staat). Bij de DIEAP-flap techniek bent u dus veel sneller terug op de been én kunt u 6 weken ná de ingreep opnieuw alles doen die u ervoor kon.

De flap volledig vrijgemaakt, getransplanteerd en wordt dan ingehecht thv de borstregio; de flap wordt gemodelleerd tot een borst. De bloedvaten worden dan met behulp van microchirurgie gekoppeld aan bloedvaten die achter de ribben, net naast het borstbeen, liggen.

Latissimus Dorsi-flap:

Hier wordt een flap (huid + onderhuids vetweefsel + deel rugspier + voedende bloedvaten) vrijgedisseceerd ter hoogte van de hoge rug.

De voedende bloedvaten worden hier NIET doorgenomen, waardoor we hier niet spreken van een vrije flap; de flap wordt getransponeerd naar de borstregio toe en aldaar word teen borst gevormd. Echter, quasi altijd zal hier ook nog een (kleine) siliconeprothese nodig zijn; dit om de nodige hoeveelheid volume te bekomen. De voor-en nadelen van beide technieken zullen rustig met u op de consultatie besproken worden.

Nog dit; een borstreconstructie gebeurt in 3 stappen;

  • In de eerste fase wordt een nieuwe borst gecreëerd
  • In de tweede fase (een 3 à 4 maand later) wordt er symmetrie gecreëerd tussen beide borsten (evtl. dmv borstlift van de gezonde borst)
  • In de derde fase (opnieuw 3 maand later) wordt een tepelreconstructie uitgevoerd

Borstreconstructie met prothesen:

Naast een reconstructie met eigen weefsel kan uw borst ook opnieuw gecreëerd worden mbv een siliconeprothese.

Bij een onmiddellijke (primaire) reconstructie wordt de borst geamputeerd, wordt de huidenveloppe bewaard en wordt het volume hersteld mbv een prothese.

Bij een laattijdige (secundaire) reconstructie dient het tekort aan huidenveloppe eerst gecreëerd. Daarvoor wordt het oude litteken hernomen en wordt eerst een tissue expander (“lege” prothese) geplaatst; vanaf 2 weken ná de ingreep wordt deze doorheen de huid aangeprikt en gevuld met water; op geregelde tijdstippen wordt uw lege prothese zo voller gemaakt, waardoor uw huid wordt uitgerokken; beetje bij beetje. Eens voldoende huidenveloppe, dan kunnen we een definitieve siliconeprothese plaatsen. Om die prothese te beschermen wordt dit vaak gecombineerd met een lipofilling-procedure; zo wordt een beter en natuurlijker resultaat bekomen.

De voor- en nadelen van reconstructie met eigen weefsel/een prothese zal met u uitgebreid besproken worden. Ieder individu is uniek en voor 2 verschillende mensen met dezelfde problematiek is toch vaak een andere procedure geindiceerd. Dit alles wordt helder uiteengezet op de consultatie. Borstreconstructies worden uitgevoerd in het Jan Palfijn ziekenhuis te Gent.

www.drvanwaes.be maakt gebruik van cookies. Door verder te surfen gaat u expliciet akkoord met het gebruik van deze cookies.